Financiën
In het eerste halfjaar van 2026 is het resultaat na belastingen met 0,9% gestegen naar 144,8 miljoen euro ten opzichte van het eerste halfjaar van 2025 (143,6 miljoen euro). Het resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening voor belastingen over de eerste helft van 2026 is 185,1 miljoen euro. Dit is een stijging van 2,2% ten opzichte van het eerste halfjaar van 2025 (181,1 miljoen euro).
De omzet van het eerste halfjaar van 2026 is vergeleken met de eerste helft van 2025 met 3,2% (14,7 miljoen euro) gestegen. Dit wordt veroorzaakt door een toename van de inkomsten uit contracten met 9,3 miljoen euro (3,5%) door nieuwe contracten, prijsherzieningen en indexeringen. Het zeehavengeld is gestegen met 5,3 miljoen euro (3,1%) en wordt veroorzaakt door een combinatie van indexatie van de tarieven en lichte stijging in overslag.
De operationele lasten zijn in de eerste helft van 2026 6,5% (10,9 miljoen euro) hoger dan in de eerste helft van 2025. Deze stijging wordt voornamelijk veroorzaakt door een stijging in incidentele activiteiten zoals saneringen en schades. Daarnaast is het effect van de CAO verhoging per 1 juli 2025 zichtbaar in de lonen, salarissen en sociale lasten.
De bruto-investeringen in het eerste halfjaar van 2026 bedragen 126,0 miljoen euro inclusief kapitaalstortingen in deelnemingen (eerste halfjaar 2025: 136,1 miljoen euro). De grootste investering van het eerste halfjaar van 2026 is realisatie van het spoor emplacement op de Maasvlakte (11,2 miljoen euro). De kapitaalstortingen in deelnemingen bedragen 10,4 miljoen euro waarvan 5,0 miljoen euro betrekking heeft op Porthos.
Per saldo zijn de totale liquide middelen ten opzichte van einde boekjaar 2025 met 39,5 miljoen euro afgenomen, onder andere door uitbetaling van dividend. Ondanks de vermindering van de totale liquide middelen zijn er voldoende kasstromen beschikbaar voor het Havenbedrijf Rotterdam om verplichtingen na te kunnen komen en te blijven investeren in de haven.