4.2 Dubbele materialiteitsanalyse

De CSRD vereist dat we een dubbele materialiteitsanalyse (DMA) uitvoeren. Dit deden we in de eerste helft van 2025. We hoeven nog niet te voldoen aan de CSRD, we voeren de DMA vrijwillig uit.

Dubbele materialiteitsanalyse, wat is dat precies?

Met de DMA beoordelen we welke impacts, financiële risico’s en kansen (impacts, risks and opportunities, IRO’s) materieel voor ons zijn. Materieel betekent dat een ESG-thema dusdanig belangrijk en relevant is, dat we er over rapporteren in ons jaarverslag. Een ESG-thema kan op twee manieren materieel zijn: impact en financieel. De uitkomst van de DMA is een matrix met daarin de materiële en niet-materiële ESG-thema’s.

Impact materialiteit: reële en potentiële impact van het Havenbedrijf Rotterdam en keten op milieu en maatschappij (inside-out);

Financiële materialiteit: reële en potentiële duurzaamheidsrisico's en -kansen met financiële effecten op het Havenbedrijf Rotterdam (outside-in).

De dubbele materialiteitsanalyse helpt ons te voldoen aan wet- en regelgeving en transparantie te bieden over ESG-thema’s. Daarnaast benadrukt deze analyse onze maatschappelijke verantwoordelijkheid en ondersteunt zij het realiseren van onze duurzaamheidsdoelstellingen.

DMA-proces

Het DMA-proces volgt twee hoofdstappen: (1) het selecteren van ESG-thema's; (2) het identificeren en beoordelen van de IRO’s.

Selectie ESG-thema’s

We zijn gestart met een analyse van interne documenten (zoals strategieën, beleidsplannen en actieplannen) en een externe analyse van ESG-onderwerpen in jaarverslagen en websites van leveranciers, klanten en andere havens. In totaal beoordeelden we 89 ESG-onderwerpen; onderwerpen die nauwelijks voorkwamen, zijn afgevallen. De overgebleven onderwerpen vormen de ‘topiclijst’, die we vergeleken met de resultaten van vorig jaar en koppelden aan onze eigen duurzaamheidsthema’s, zoals ‘energie’ en ‘klimaatmitigatie’. Daarnaast voegden we bedrijfsspecifieke onderwerpen toe, zoals nautische veiligheid.

Aanvullend voerden we een mediascan uit: een analyse van nieuwsberichten en artikelen waarin het Havenbedrijf Rotterdam en de Rotterdamse haven veelvuldig voorkomen. Uit deze mediascan kwam ‘ondermijnende criminaliteit’ naar voren als een relevant bedrijfsspecifiek thema.

De CSRD ziet de betrokkenheid van externe stakeholders als een belangrijk onderdeel. Dit jaar brachten we verdieping aan in ons stakeholderassessment, door onder andere de koppeling te versterken met de IRO’s. De meeste stakeholders blijken belangrijk voor ESG: zij beïnvloeden het handelen van het Havenbedrijf Rotterdam en ondervinden zelf impact van onze activiteiten. Het gaat onder meer om gemeenten, brancheorganisaties, aandeelhouders en klanten. Contact met belangrijke stakeholders borgen we door ons Strategisch Omgevingsmanagement. Hierover leest u meer in het hoofdstuk Stakeholderdialoog.

De in 2025 uitgevoerde assessment hebben we op een meer gedetailleerd IRO niveau gedaan. Dit heeft geresulteerd in wijzigingen in de matrix. Als voorbeeld: we hebben klimaatadaptatie als een apart materieel thema gedefinieerd, waar deze in 2024 in het thema 'stilvallen haven' zat. Onderstaande tabel geeft de veranderingen weer in de materiele thema's:

ESG

Materiële thema's 2025

Materiële thema's 2024

Environment

Klimaatmitigatie

Broeikasgasemissies HbR, broeikasgasemissies haven, netto energieverbruik haven

Klimaatadaptatie

Stilvallen haven

Luchtverontreiniging

Luchtverontreiniging

Bodemverontreiniging

Bodemverontreiniging

Natuur & biodiversiteit

Impact op natuur en biodiversiteit

Waterverontreiniging

Waterverontreiniging

Social

Arbeidsveiligheid

Arbeidsomstandigheden HbR, Arbeidsveiligheid

Ketenverantwoordelijkheid

Werken en arbeidsomstandigheden in de haven

Bedrijfsspecifiek

Digitale & fysieke weerbaarheid

Stilvallen haven

Nautische veiligheid

Stilvallen haven

Ondermijnende criminaliteit

Ondermijnende criminaliteit

Identificeren en beoordelen IRO’s

Op basis van de DMA uitgevoerd in 2024, de interne en externe analyse en een database hebben we IRO’s geïdentificeerd die onder de duurzaamheidsthema’s vallen. Deze IRO’s zijn in meer dan twintig interviews met interne kennishouders beoordeeld op impact materialiteit en financiële materialiteit. In sommige gevallen zijn de IRO’s eerst nog aangepast of zijn er aanvullend IRO’s geïdentificeerd. Het beoordelen van de IRO’s houdt in dat we een score toekennen. De materialiteitsdrempel is gezet op 3 op een schaal van 0 tot 5. Een IRO met een score van 3 of hoger is materieel, dit kan financiële materialiteit of impactmaterialiteit betekenen, maar ook dubbele materialiteit.

Impactmaterialiteit gaat over de daadwerkelijke of potentiële effecten van de activiteiten van het Havenbedrijf Rotterdam en haar waardeketen op milieu, mens en maatschappij. Het gaat dus niet om onze invloed op het thema zelf, maar om de impact die ons handelen veroorzaakt. We beoordelen impactmaterialiteit aan de hand van vier indicatoren: schaal, reikwijdte, herstelbaarheid en waarschijnlijkheid van zowel negatieve als positieve effecten. Hieronder leggen we uit wat deze indicatoren betekenen:

  • Schaal gaat over de ernst van de impact. De ernst is de mate waarin mensen of het milieu getroffen worden.

  • Reikwijdte gaat over de omvang van de impact. Vanuit milieuperspectief is dit de omvang van het geografisch gebied en vanuit sociaal perspectief is dit de omvang van de bevolking.

  • Herstelbaarheid gaat over de mogelijkheid om de impact te herstellen.

  • Waarschijnlijkheid gaat over de kans dat een impact zich voordoet.

Bij het bepalen van impactmaterialiteit kijken we naar het inherente risico. Dit betekent dat we beoordelen welke gevolgen onze activiteiten kunnen hebben, zonder mee te rekenen welke maatregelen we al nemen om die gevolgen te beperken. Zo sluiten we bijvoorbeeld veiligheidsrisico’s voor onze medewerkers niet uit, ook al weten we deze door onze inzet zoveel mogelijk te beperken. Financiële materialiteit is gescoord op omvang van het financiële effect en de waarschijnlijkheid van het financiële effect. Voor financiële materialiteit hielden we rekening met het restrisico. Dat houdt in dat we bij het beoordelen van de omvang en waarschijnlijkheid van het financiële effect rekening houden met de al genomen beheersmaatregelen. Zo ontstaat er een beeld van de realistische grootte en waarschijnlijkheid van een financieel effect.

Uitkomst dubbele materialiteitsanalyse

Het directieteam valideerde de uitkomst van de dubbele materialiteitsanalyse. De afbeelding toont de definitieve uitkomst:

De matrix in de voorgaande afbeelding toont de impactmaterialiteit op de y-as en de financiële materialiteit op de x-as. Onderwerpen waar wij een materiële impact op milieu, mens of maatschappij hebben, staan in de bovenste twee vakken. Onderwerpen met een materieel financieel effect staan in de rechter twee vakken. Op deze materiële thema’s volgen wij de CSRD-richtlijnen. Dit doen we kwalitatief (strategie, beleid, doelen, acties en governance) en kwantitatief (KPI’s). Alle duurzaamheidsthema’s in de matrix zijn relevant voor het Havenbedrijf Rotterdam. We brengen strategische focus aan en rapporteren over 36 materieel beoordeelde IRO’s, verdeeld over 11 duurzaamheidsthema’s.

De rol van deze IRO’s binnen onze waardeketen visualiseerden we in de tabel in de volgende afbeelding. De legenda verduidelijkt de tijdshorizonnen en definieert de IRO's. Elk duurzaamheidshoofdstuk start met een uitleg over de rol van het thema voor het Havenbedrijf Rotterdam en een samenvatting van de materiële IRO’s. De iconen die we aan impactmaterialiteit en financiële materialiteit geven komen hierin herkenbaar terug.

Next Next Previous Previous
addtoreport Download
Deel deze pagina: