2. Materiële vaste activa
|
(bedragen x € 1.000) |
Terreinen en infraplus |
Openbare infra, havenbekkens en vaarwegen |
Kademuren, steenglooiingen, steigers en overige afmeer- voorzieningen |
Vaste bedrijfs- middelen en overige activa |
Materiële vaste activa in aanbouw |
Totaal |
|
Aanschafwaarde |
1.709.450 |
1.395.662 |
2.160.590 |
925.822 |
304.154 |
6.495.678 |
|
Cumulatieve afschrijvingen |
-433.453 |
-692.000 |
-858.890 |
-449.313 |
-3.816 |
-2.437.472 |
|
Boekwaarde 1 januari 2025 |
1.275.997 |
703.662 |
1.301.700 |
476.509 |
300.338 |
4.058.206 |
|
Bruto-investeringen |
- |
- |
- |
- |
232.266 |
232.266 |
|
Desinvesteringen (aanschafwaarde) |
-28.187 |
-586 |
-6.879 |
-9.335 |
-1.750 |
-46.737 |
|
Desinvesteringen (cum. afschrijvingen) |
14.920 |
417 |
3.465 |
8.504 |
- |
27.306 |
|
Subsidies |
- |
- |
- |
- |
-3.921 |
-3.921 |
|
(Rijks)bijdragen |
- |
- |
- |
- |
-4.335 |
-4.335 |
|
Afschrijvingen |
-24.043 |
-40.168 |
-54.790 |
-34.989 |
- |
-153.990 |
|
Bijzondere waardeverminderingen |
- |
- |
- |
- |
-6.205 |
-6.205 |
|
Overboeking (i)mva aanschafwaarde |
- |
- |
- |
- |
-124 |
-124 |
|
Overboeking (i)mva afschrijvingen |
- |
- |
- |
- |
- |
- |
|
Ingebruikname |
8.106 |
61.512 |
125.905 |
107.590 |
-303.113 |
- |
|
Mutaties 2025 |
-29.204 |
21.175 |
67.701 |
71.770 |
-87.182 |
44.260 |
|
Boekwaarde 31 december 2025 |
1.246.793 |
724.837 |
1.369.401 |
548.279 |
213.156 |
4.102.466 |
|
Aanschafwaarde |
1.689.369 |
1.456.588 |
2.279.616 |
1.024.077 |
223.177 |
6.672.827 |
|
Cumulatieve afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen |
-442.576 |
-731.751 |
-910.215 |
-475.798 |
-10.021 |
-2.570.361 |
|
Boekwaarde 31 december 2025 |
1.246.793 |
724.837 |
1.369.401 |
548.279 |
213.156 |
4.102.466 |
|
Afschrijvingsperioden in jaren |
25 jaar tot |
8 tot 50 |
25 tot 75 |
3 tot 50 |
n.v.t. |
|
|
niet afgeschreven |
jaar |
jaar |
jaar |
De materiële vaste activa zijn in 2025 met 232,3 miljoen euro toegenomen door investeringen en met 154,0 miljoen euro afgenomen door afschrijvingen. Er is sprake geweest van 19,4 miljoen euro aan desinvesteringen. Van dit bedrag heeft 13,3 miljoen euro betrekking op de desinvestering van klant specifieke activa binnen de categorie Terreinen en infraplus, waarbij de totale resterende boekwaarde van 13,3 miljoen euro versneld is afgeschreven.
De bijzondere waardeverminderingen betreffen afboekingen van projecten in de ontwikkelfase.
De grootste investeringen in 2025 zien toe op de ontwikkeling van het Alexiaviaduct en de realisatie van het Spoor Emplacement Zuid op Maasvlakte 2. In het boekjaar is op materiële vaste activa in aanbouw een bedrag van 4,7 miljoen euro aan bouwrente geactiveerd (2024: 5,7 miljoen euro) en 18,7 miljoen euro aan personeelslasten (2024: 17,8 miljoen euro). De (Rijks)bijdragen en subsidies bedragen in totaal 7,3 miljoen euro. Hiervan heeft 1,5 miljoen euro betrekking op een EU-subsidie voor de realisatie van het project Spoor Emplacement Zuid op Maasvlakte 2.
Bij de oprichting is het economisch eigendom van de haventerreinen in het Havenbedrijf Rotterdam ingebracht. Het juridisch eigendom van deze terreinen berust bij de gemeente Rotterdam.
Het Havenbedrijf Rotterdam heeft als lessor operationele leasecontracten voor de terreinen afgesloten. De aangegane leaseovereenkomsten betreffen veelal overeenkomsten met een looptijd van 25 jaar met een optie tot verlenging van 25 jaar, waarbij de leasebetalingen een vast bedrag per gehuurde hectare bedraagt. Ook zijn er contracten met een opzegtermijn van een jaar of korter. Met deze condities is rekening gehouden in de looptijdanalyse. De overeenkomsten kunnen niet doorverkocht worden en onderhuur is alleen toegestaan met goedkeuring van het Havenbedrijf Rotterdam. De gemiddelde resterende looptijd van de leasecontracten per balansdatum is 18,2 jaar. Ten aanzien van de looptijdanalyse van de toekomstige minimale leasebetalingen kan vermeld worden dat de omvang van de huur- en erfpachtcontracten die binnen 1 jaar ontvangen wordt circa 6% van de totale toekomstige opbrengsten bedraagt en de huur- en erfpachtopbrengsten die tussen 2 en 5 jaar ontvangen worden circa 24% van de totale toekomstige opbrengsten bedragen.